Het Uilendagboek | De geboorte van Sterre

832 VIEWS
Het Uilendagboek | De geboorte van Sterre

27 april 2012, 1 uur ‘s nachts. Geen maan, de uilenburcht is een zwart gat waarin geen enkele vorm valt te ontdekken. Het regent zacht en geruisloos. Ik zit, na het werk, nog wat in de schuilhut bij de uilen alvorens te gaan slapen. Ik overdenk net hoe ik het werk voor de volgende dag het best kan aanpakken, als ik word opgeschrikt door een diepe kreun, die, half kirrend, half brommend, uit het bodemloze duister ineens de nacht in galmt. Het geluid houdt aan. Dan begint het langzaamaan te moduleren. Een tegenkreun, hoger nu, klinkt onverwachts op als een eerste experiment tot een vroege polyfonie; de stemmen gaan nu samen rijzen en dalen, reizen uiteen van een terts naar een kwint; en dan weer terug. Snerpend wanneer ze langs elkaar vlijmen, de een omlaag, de ander omhoog – en het houdt maar aan, het houdt maar aan…

Ik zit genageld aan mijn stoel. Wat kan hier toch aan de hand zijn? Dit heb ik nog nooit gehoord. Het heeft ook iets sacraals, maar vooral ben ik bezorgd. Vechten de uilen? Proberen ze samen een roofdier af te schrikken? Maar de zang golft door, ongehaaste seconde na ongehaaste seconde, en ik besluit dat er geen gevaar kan dreigen. Ik luister met absoluut ongeloof. Het is een waanzinnige ervaring, daar in die stille nacht. Tot twee keer toe zongen ze, en daarna niet weer. De volgende dag begonnen Coppernickle en Feline te nestelen. Het bleek een ritueel…

“Coppernickle is eensklaps van een ontroerend zuurtje een Echte Man geworden”

Een paar weken later zijn Coppernickle en Feline samen een nest aan het maken. De hele sociale dynamiek tussen die twee staat op zijn kop. Coppernickle is eensklaps van ontroerend zuurtje een Echte Man geworden. Coppernickle Vernieuwde Versie laat zich niet meer misleiden door een smiechterige Feline die, onder het mom van lief kopknuffeltje, hem ineens de prooi uit de snavel wil grissen: niets daarvan! Coppernickle keert haar nu eerst verachtelijk de rug toe om pas veel, véél later met aangrijpend teder gebaar een kuiken of muis te komen aanbieden… een verrukkelijk iets trouwens om getuige van te mogen zijn… En ondertussen legt Feline maar eieren, de een na de ander!

“Zeven eieren legde Feline, een bijbels getal… Zeven eieren veegde Coppernickle vervolgens terstond op Oudtestamentische wijze het nest uit; dus dat was dat, dacht ik”

En dit is het onbegrijpelijkst van alles: elk ei wordt uit het nest gegooid, soms onmiddellijk, soms pas nadat een dag is verstreken. Het enige ei dat heel bleef legde ik onder kip Pauwke, onze topbroedster, om uit te vinden of een mogelijke reden voor al dat uitwerpen bijvoorbeeld een onbevruchte staat van het legsel zou kunnen zijn. Maar het tegendeel bleek het geval. Onmiddellijk na het zien van de aangroeiende bloedvaatjes heb ik het ei onder Pauwke weggehaald – een uil door een kip laten opvoeden is mij te wreed een experiment. Zeven eieren legde Feline, een bijbels getal… Zeven eieren veegde Coppernickle vervolgens terstond op Oudtestamentische wijze het nest uit; dat was dat, dacht ik.

“Er wordt gebubbeld, gekabbeld, gesist, gezoeld en geblazen”

Twee maanden later lijkt er toch echt wat te gebeuren. Het is inmiddels juli. Net als tijdens het nachtelijke ritueel op 27 april luister ik met grote verwondering naar de geluiden die uit de burcht komen. Er wordt gebubbeld. Er wordt gekabbeld. Er wordt (zachtjes, o zo zachtjes) gesist, gezoelt en geblazen. Gezongen. Gefloten. Geknabbeld. Gekippert… Ik kan makkelijk nog even doorgaan… En dan, héél af en toe, een eenzame schreeuw van Coppernickle… Voor de rest is het pure, onleesbare telepathie – met uitzondering van die paar momenten waarop Coppernickle mij wat verloren komt zitten aanstaren. Zo van: mannen onder elkaar.

“Van snavel tot snavel kijken wij elkaar aan, het lelijkste uilskuiken van Nederland en ik”

Uiteindelijk kan ik mijzelf niet meer bedwingen. Als Coppernickle en Feline samen buiten zijn, til ik zo zachtjes als ik maar kan een stoel naar het nest en steek mijn hoofd door de opening… Van snavel tot snavel kijken wij elkaar aan, het lelijkste uilskuiken van Nederland en ik… Heel zoet kijkend, zo lelijk als een nachtmerrie, als een baby op de vette kont zittend met de beentjes wijd voor zich uit, een paar kuikens door Ma zorgzaam in een cirkel rondom het monstertje neergelegd. Een uilskuiken zo lelijk, dat ik eerst mijn ogen niet kon geloven. Zo verbaasd en lief kijkend, dat ik gewoonweg wegsmelt, zo van: wat een pop, wat een pop, wat een ongelooflijke pop…

Lees ook:  Het uilendagboek | Ook uilen willen spelen

Ik verheug mij mateloos op wat er nu komen gaat in het Uilen Project!

Blog 1 - Coppernickle“Owlery V: Feline” houtskool & krijt op Ingres papier 34,15 * 34,15 cm

rsz_blog_1_-_pct22owlery-_observatie_4pct22_houtskool_pastel_en_krijt_op_ingres_papier_30__30_cm“Owlery: Observatie 4” houtskool, pastel en krijt op Ingres papier 30 * 30 cm

Blog 1 - detail %22Het Verborgen Huis%22, harsolieverf en tempera op paneel 24, 4 * 29,5 cm“Het Verborgen Huis” olieverf en tempera op paneel 24 * 29,1 cm

rsz_blog_1_-_owlery-_observatie_5_pct22sterrepct22_houtskool_en_krijt_op_ingres_papier_20__26_cm“Owlery: Observatie 5 Sterre” houtskool en krijt op Ingres papier 20 * 26 cm


Jarenlang reisde kunstenaar Paul Christiaan Bos de hele wereld over, tot hij zijn echte passie vond in Het Uilen Project: in zijn achtertuin wonen sinds 2011 de uilen Coppernickle en Feline. Hij volgt hun dagelijkse belevenissen en gezinsuitbreiding op de voet en beschrijft dit in een levendig Uilendagboek. Omdat Paul zin had in ‘iets Paradijsvogeligs’ deelt hij graag de mooiste passages én kunstwerken op Paradijsvogels Magazine. 

Op de hoogte blijven van het Uilendagboek? Vul uw emailadres in en u ontvangt een bericht wanneer een nieuw hoofdstuk wordt gepubliceerd:

Ontvang gratis onze beste artikelen!

Schrijf je in voor de inspiratiemail van Paradijsvogels Magazine

MEER INSPIRATIE

Het Uilendagboek | Een berg poep
Het Uilendagboek | Een familiesoap
Het Uilendagboek | Een uil die groen ziet van jaloezie
Het Uilendagboek | De enige uil die genegenheid kan tonen