Daten na je 65ste | Poes

790 VIEWS
Daten na je 65ste | Poes

Het was in maart 2006 dat ik een afspraak had met Poes. Dat was natuurlijk haar bijnaam op de datingsite, maar omdat mijn lievelingstante door haar Brusselse man Poes genoemd werd en ik daar prettige herinneringen aan koesterde, vroeg ik toestemming om haar Poes te blijven noemen. ‘Maar ik kan kattig zijn, hoor’, merkte ze lachend op. ‘Ach’, zei ik, ‘dat moet kunnen, niet?’ Liever kattig dan mensen die alles goedvinden. Haar echte naam was zoiets als Keesje. ‘Zeker naar jullie hond genoemd?’ Ze kon er niet om lachen. Of ik thuis ook altijd al de leukste was. Ik werd op mijn wenken bediend.

“Poes verraste mij met de mededeling dat zij getrouwd was”

Poes verraste mij met de mededeling dat zij getrouwd was. In haar profiel stond namelijk alleenstaand. Er volgde een vrij dramatische uitleg: haar man was, wellicht door zijn verleden en drukke baan, manisch depressief (geworden), hield vreselijk veel van haar en wilde dat zij op haar 58ste ging leven, écht leven.

‘Als je me één keer per week komt opzoeken en schone kleren brengt, dan ben ik gelukkig’, waren zijn woorden geweest. Een zeldzaam voorbeeld van een goed mens, geraakt door een vreselijke hersenbelasting. De verzorging in het tehuis maakte hem minder ongelukkig. Hij mocht patiënt zijn, hoefde niets meer.

“Ze wilde graag dat ik zou blijven slapen. Hoewel ze prachtig en begerenswaardig was, stond ik erop om eerst haar man te ontmoeten”

Poes was mooi en wilde met mij naar Zandvoort. Niet het reguliere strand, maar het stuk waar u niet te veel aan hoeft, als je begrijpt wat ik bedoel. Om haar heupen droeg ze wel een sarong, daarmee nog meer gekleed dan de meeste badgasten op het naburige strand. Mijn mond viel open en ging weer snel dicht, want ik bedacht gelukkig bijtijds dat een schaapachtige blik bij zo’n grote kerel geen gezicht is. Ze wilde graag dat ik zou blijven slapen. Hoewel ze prachtig en begerenswaardig was, stond ik erop om eerst haar man te ontmoeten. Het katje zag snel in dat het mij menens was en dat mij proberen te verleiden wel eens averechts kon werken. Ze belde de kliniek, we mochten komen.

Haar man was in eerste instantie echter niet aanspreekbaar, in de war geraakt door mijn aangekondigde bezoek. De volgende ochtend liet hij weten in staat te zijn om ons beiden te ontvangen. Die dag zag ik hem voor het eerst en, zoals later bleek, ook voor het laatst. We spraken over van alles: onze jeugd, ouders, zijn opgroeien, de liefde voor ‘het mooiste meisje van de klas’ en hun eerste 15 gelukkige jaren van hun huwelijk. Eén zoon hebben ze, die zijn lief naar Cuba gevolgd is waar hij samen met haar werkt in het over te nemen hotel-restaurant van haar ouders.

“Ik vond het een verschrikkelijke constatering: nu had ik zo’n prachtige vrouw die zelf zei nog nooit zo gelukkig te zijn geweest, en haar niet aflatende enthousiasme stond mij tegen”

Peter, Poes’ echtgenoot, gaf zijn zegen: ‘Maak haar gelukkig. Ze is intelligent, maar ook heel lichamelijk.’

En, ik beken het maar direct, daar schoot ik te kort. Haar onverzadigbaarheid maakte mij – voor even – de gelukkigste man van de wereld, maar na een tijdje trok ik het gewoonweg niet meer. ‘Een goede haan is niet vet’, lachte ze wanneer ik weer naar de winkel toog om een nieuwe set bretels te kopen. Mijn lichaam voelde fit, maar mijn geest zat in de knoop. Ik vond het een verschrikkelijke constatering: nu had ik zo’n prachtige vrouw die zelf zei nog nooit zo gelukkig te zijn geweest, en haar niet aflatende enthousiasme stond mij tegen. Ik sprak mezelf vele malen vermanend toe, maar het mocht niet baten.

“Ik ben bang dat ik opnieuw verliefd word op dat van leven barstende vrouwmens”

In theorie had ik deze vrouw voorgoed de mijne gemaakt, maar ik leerde weer eens dat de praktijk verrassend anders kan uitpakken. Poes is later getrouwd met een rentmeester en woont op een jachtslot. Haar man Peter is inmiddels gestorven. Er ligt al jaren een uitnodiging om Poes en haar nieuwe man te bezoeken, maar ik doe het niet. Ik ben bang dat ik opnieuw verliefd word op dat van leven barstende vrouwmens, en daar heeft niemand iets aan.

Tot over een tijdje. Vader gaat op pad: ik ga weer wat nieuwe ontmoetingen tegemoet.

 

Hans Willems heeft een voorliefde voor paradijsvogels – ‘de smaakmakers in het gewone leven’. Al sinds zijn jeugd is hij een fervent dagdromer en ontwikkelde hij een scherp oor voor goede verhalen. Na zijn pensionering is hij gaan daten, op Paradijsvogels Magazine beschrijft hij zijn bijzondere ontmoetingen. Wil je rechtstreeks reageren? Mail dan naar hanswillems25@gmail.com

MEER INSPIRATIE

Daten na je 50e: het kan wat minder serieus
Single of samen? Over keuzestress en groener gras…
Vier wijze liefdeslessen gebaseerd op 40 jaar ervaring
Daten na je 65ste | Megan