Dagboek van mijn moeder | Sterren op het raam

846 VIEWS
Dagboek van mijn moeder | Sterren op het raam

In 1985 kreeg de vader van Berna van der Linden een hersenbloeding. Berna en haar 10 broers en zussen waren toen de deur al uit, maar voor haar moeder volgde een moeilijke periode van intensieve zorg voor haar man. Ze besloot haar ervaringen toe te vertrouwen aan het papier en schreef iedere dag een bladzijde vol van haar speciaal voor dit doel aangeschafte kantooragenda. Inmiddels zijn beide ouders van Berna overleden, maar het zijn deze dagboeken die Berna het contact met haar moeder doen hervinden. De overpeinzingen (vaak optimistisch, maar soms ook niet) zetten Berna regelmatig aan het denken over haar jeugd, maar ook over eigen leven nu.

Deze keer: bitterkoude winters! Tegenwoordig zetten we de verwarming een graadje hoger en nestelen we ons behaaglijk in een stoel. Niks kleumende vingers en sterren op het raam. Comfortabel, maar zonde van het echte wintergevoel?


Op woensdag 24 februari 1986 noteerde mijn moeder in haar dagboek: ‘(…)Woensdag gaat de Elfstedentocht door. Hoe bestaat ‘t.  Vroeger had je veel meer last van de kou. Nu met de cv heb je er niet zo’n erg in. Dat vroeg mijn moeder zich af, toen ze hoorde dat de elfstedentocht doorging. Ze had niet in de gaten gehad, dat het al zoveel dagen achter elkaar aan ‘t vriezen was. Het gemak van de cv is daar debet aan.’

Daarmee legde ze de vinger op een zere plek! De centrale verwarming kon een aanloop naar de Elfstedentocht met het grootste gemak maskeren. ‘Vroeger, toen had je nog eens winters,’ oreerde mijn vader. Het lijden om de kou was destijds groter. Je behaaglijk schuren aan de warmte in huis was er niet bij. We zaten met kleumende vingers, veroorzaakt door de natte wollen wanten, voor het zwarte kacheltje te wachten totdat het onvermijdelijke getintel zou beginnen, om dan, bijna huilend van de pijn, haastig de handen kruislings onder de oksels te drukken!

“Ik kreeg kranten onder mijn trui en in de wollen plusfours van een van mijn broers gepropt. De Friese doorlopers hingen om de nek, waarbij de knoop hinderlijk hard in het vel drukte”

De barre tochten die daaraan vooraf gingen zal ik nooit vergeten. Schaatsen met mijn zes oudere broers in het gebied dat later Overvecht zou heten. Ze waren er driftig aan het bouwen en overal waren er kraters geslagen, waar het bevroren water een lokkende schaatspartij beloofde. Ik kreeg kranten onder mijn trui en in de wollen plusfours van een van mijn broers gepropt. De Friese doorlopers hingen om de nek, waarbij de knoop hinderlijk hard in het vel drukte. In ganzenpas liepen we richting de Rode brug, dé verbinding met het magische maanlandschap!!! Mijn broers beenden door en ik dribbelde er achter aan. Op locatie bonden ze de ijzers onder en probeerde ik met mijn ijsvingertjes de knoop te ontwarren. De jongens hadden al lang en breed hun eerste slagen gemaakt, toen ik eindelijk zo ver was. De eerste paar halen gingen nog wel, maar toen zich een laagje ijs had afgezet op de zoolkant van de schaats werd het een hopeloos geschuivel naast de ijzertjes! Ik reed een scheve schaats. Schaatsen is nooit mijn tak van sport geworden.

“Tegenwoordig kun je de thermostaat zo instellen, dat er overal een aangename temperatuur ontstaat. Behaaglijk, comfortabel, gerieflijk en… saai”

Terwijl er vroeger nog ijskoude plekken in huis te vinden waren (de slaapkamers, de gang en de wc schreven ijsbloemen en verwachtingsvolle sprookjes), kun je tegenwoordig met de hoge rendementsketel de thermostaat zo instellen, dat er overal een aangename temperatuur ontstaat. Behaaglijk, comfortabel, gerieflijk en… saai. Nooit meer verwondering over de kristallen die zich los lieten blazen op de koude ruiten met het verlangen naar buiten. Het kind in mij kan verlangen naar die beloftevolle wereld en ik neem me alvast voor: straks als de kleinkinderen komen logeren zet ik de thermostaat op nul en gaan we tot aan de kin onder het dekbed om een nachtje door te halen bij strenge vorst. ’s Morgens blazen we de wereld open en genieten we gratis en voor niks van het fantastische schouwspel op de ramen! Vervolgens zetten we de thermostaat op 19 (dat dan weer wel) en drinken we als vanouds warme chocolademelk met zoete herinneringen én de appeltaart! Het beste van beide werelden.


Na jaren hervindt Berna van der Linden weer het contact met haar moeder. Niet in levenden lijve, maar via de dagboeken waarin haar moeder de dagelijkse perikelen van het leven op eigengereide wijze beschreef. Overpeinzingen uit het verleden die Berna aan het denken zetten over haar eigen leven, of zelfs een spiegel voorhouden. De creatieve en non-conformistische schrijversgeest blijkt in ieder geval erfelijk: Berna’s humoristische en soms ontroerende reflecties op haar moeder’s leven leest u op Paradijsvogels Magazine in het ‘dagboek van mijn moeder’.


Benieuwd naar de volgende aflevering van Dagboek van mijn moeder? Vul uw emailadres in en ontvang een bericht wanneer de volgende editie verschijnt.


Beeld: Kelly Sikkema via Flickr.com

MEER INSPIRATIE

De bijzondere levensvisie van een man die in een zandkasteel woont
Opgeruimd staat netjes: 8 kleine tips om te ontspullen
Ode aan de lente: 10 citaten over dit heerlijke jaargetijde
Deze asielhonden krijgen speurles als uitlaatklep